HERMAN HEIJERMANS
toneelschrijver in zijn en onze tijd

Heijermans' toneelteksten online:
De zeven vette dagen

Tekstversie
Naar het menu | Terug naar de hoofdpagina

De zeven vette dagen
Blijspel-ontwerp

Een zindelijke kamer, driehoog, in een buurt, grenzend aan een deftige gracht. In de bedstee een kraamvrouw met een schreeuwende zuigeling.

 

Eerste vette dag.

De kraamvrouw. Binnen!

Het dienstmeisje  Ben ik terecht bij vrouw Blok?

De kraamvrouw  Die ben ik.

Het dienstmeisje  Mevrouw van Sant zendt u wat versterkends.

De kraamvrouw  Mevrouw van Sant, van de gracht?

Het dienstmeisje  Precies. Zal ik het maar es voor u uitpakken? Een lekker stukkie vlees en wat erwtjes en wat aardappelen en een stukkie taart, en een halve fles wijn.

De kraamvrouw  Duizendmaal dank! Duizendmaal dank!

Het dienstmeisje  Mevrouw het gezegd dat ik maar zolang moet wachten, tot u het gegeten heb. Dan kan ik de schalen weer meenemen. Da's makkelijk voor u niet? Wacht ik zal u effen helpen. Geef mijn het kind maar. Ach, wat een dotje, wat een lekkere dikke konen. Smaakt het? en wat een haar al! Hoe oud is het?

De kraamvrouw  Tien dagen.

Het dienstmeisje  Tien dagen? Je zou wel zeggen een maand! Mevrouw hoorde dat u nog zo zwak was. Smaakt het? Is het wel goed om kinderen zo vroeg een mutsje op te zetten? Zweet daar het hoof-ie wel bij uit?

De kraamvrouw  Zo heb ik het met me vijf andere kinderen altijd gedaan.

Het dienstmeisje  Dodo! Dododo! Dodo! Heb u al vijf kinderen?

De kraamvrouw  Hier naast me legt er nog een, twee zijn d'r dood en twee leggen an de overkant. Wat een heerlijke saus!

Het dienstmeisje  Mevrouw het het zelf gebakken.

De kraamvrouw  Zeker rijke mense?

Het dienstmeisje  Ze houen drie meiden. Mot je dat vlees nou zo uit je hand eten, mens! Is er geen mes?

De kraamvrouw  Vleesmessen hou ik er niet op na, hihihi! Wat een goddelijke maaltijd! U mot mevrouw duizendmaal bedanken. Geef u mijn het kind maar weer. Hè, dat heeft me goed gedaan.

 

Tweede vette dag.

De kraamvrouw  Binnen!

Het dienstmeisje  Daar ben ik weer. 't Is vandaag wat later geworden met de was. Wacht. Ik zal het kussen effen opschudden. Zo goed? Geef mijn het kind maar weer.

De kraamvrouw  Zou gehakt niet wat zwaar voor me zijn? Nee? Wat een lekkere tuinboontjes! Zeker uit de bus1), niet? Daar wor je een ander mens bij.

Het dienstmeisje  Morgen zal mevrouw weer een half flessie wijn zenden. Wat is me dat kind gegroeid! Is het door onder 't armpie? Ach God, wat 'n schaap. Wat doe je daar tegen?

De kraamvrouw  Da's de schuld van buurvrouw die d'r gebakerd het!2) Wat mot je d'r an doen?

Het dienstmeisje  Je steekt een gloeiende pook in water en laat hem er in tot-ie koud geworden is. Met dat water was je het kind onder het armpie en dan goed poeieren. Geen wonder dat het zo schreeuwt! Nou! Dodo! Dodo!

De kraamvrouw  Hoeveel kinderen het mevrouw?

Het dienstmeisje  Geen een.

De kraamvrouw  Drinken ze bij jullie elke dag wijn?

Het dienstmeisje  Meneer en mevrouw wel. Wij hebben bier in de keuken.

 

Derde vette dag.

Het dienstmeisje  Goedenavond, slaap u?

De kraamvrouw  Wel nee. Ik lag naar de klok te kijken.

Het dienstmeisje  Ben ik dan zo laat?

De kraamvrouw  Nee, je ben vroeger dan gister. 't Is zo gezellig om naar de klok te kijken, als je warm eten wacht.

Het dienstmeisje  Vandaag is er wat extra's. Kijk es.

De kraamvrouw  Een kippenpoot met appelmoes. Daar ga ik nou es goed voor zitten.

Het dienstmeisje  Wie past je nou eigenlijk op? Ik zie hier nooit iemand over de vloer.

De kraamvrouw  Me schoonzuster komt 's middags een paar uur en de buurvrouw van benee komt wel es kijken. As die er niet waren! Na vieren zie ik zelden iemand tot me man om acht uur van z'n werk komt.

Het dienstmeisje  Verdient-ie goed z'n brood?

De kraamvrouw  Nou heeft-ie net drie weken vast werk. Volgende week krijgt-ie gedaan.

Het dienstmeisje  Wat doet-ie?

De kraamvrouw  Grondwerker.

Het dienstmeisje  Wie maakt z'n eten klaar als je niet bij de hand ben?

De kraamvrouw  Me schoonzuster. Er valt niet veel om klaar te maken. Wil je geloven dat me dat opknapt! Eten jullie elke dag zulke lekkere dingen?

Het dienstmeisje  Pas op je morst saus op je hemd.

 

Vierde vette dag.

De kraamvrouw  Ja!

Het dienstmeisje  Zo zit je op? Nou da's vooruitgaan, hè?

De kraamvrouw  De dokter was om twee uur hier. Die zei, je kunt nou wel wat opzitten. Ik voel me moe hoor. Als me man maar gauw komt, om me te hellepen.

Het dienstmeisje  Nou, dat kan ik ook wel. Zal ik je rokken losmaken? Mens wat ben je mager. Hoe kruip je in de bedstee?

De kraamvrouw  Zet nou de stoel bij het bed. Zo. En nou 'n steuntje. Hè! Ik dank God dat ik leg. Wat ben ik moe. Wat ben ik moe. Voel me handen is warrem zijn van de koorts.

Het dienstmeisje  Zit je zo goed tegen je kussen? Dat zal je wel lusten, hè? Heb je geen trek?

De kraamvrouw  Wat zit er in?

Het dienstmeisje  Een biefstuk met twee spiegeleieren. Hou je van spercieboontjes? En dan is er hier nog een half flessie wijn.

De kraamvrouw  Ik heb nou geen trek. Ik ben zo moe. Zo doodop.

Het dienstmeisje  Kom, nou maar wat eten. Daar sterk je van op. Wat is me dat kleine ding gegroeid! Laat je d'r zo maar op een droge speen zuigen. Da's niks gezond hoor!

De kraamvrouw  Dan is ze stil. Anders schreeuwt ze de hele dag om de borst.

Het dienstmeisje  Heb je d'r armpie al voorzien?

De kraamvrouwAch gut, laat me nou effen leggen. Ik ben zo moe.

Het dienstmeisje  Zal ik het maar op een van de borden van de kast doen?

De kraamvrouw  Da's goed. Dan kan me man ook een stukkie proeven. Die is de smaak al zo lang vergeten. Hè, wat een pijn in me zij... Wat ben ik moe!

 

Vijfde vette dag.

Het dienstmeisje  Zo. Nou doe je verstandig. 't Is beter nog in bed leggen, dan te gauw er uit.

De kraamvrouw  Ik voel me nu een heel ander mens. Tot vier uur ben ik opgeweest.

Het dienstmeisje  Vandaag hebben we gestampte pot. Mevrouw het er wat saucijsjes en een stukkie klapstuk bijgedaan. Rijst met saffraan, lust je zeker ook?

De kraamvrouw  Je kan wel zien dat mevrouw geen kinderen gehad heeft. Saffraan mag ik niet hebben. Wil je het kleintje zolang vasthouen?

Het dienstmeisje  Morgenmiddag komt mevrouw je opzoeken, het ze gezegd. Maar je mot er niet vast op rekenen. Bij ons is de hele dag zoveel anloop, dat mevrouw niks vastigs beloven kan.

De kraamvrouw  Gister was ik te moe om te eten. Dokter zei dat het 'm an vers gebakken brood lag, dat ik 's morgens gegeten had. Me man het an de biefstuk gesmuld. Je had hem moeten zien. De hele nacht het-ie van de vreemdigheid wakker gelegen. Ant, zei-die toen we om vier uur vanmorgen allebei lagen te woelen, we hebben niet zoveel plaats met z'n vieren in de bedstee, ik zou het toch niet elleke dag kennen hebben.

Het dienstmeisje  Smaakt het?

De kraamvrouw  Die kip van eergister, was om dood te gaan zo lekker, zo goddelijk-heerlijk.

Het dienstmeisje  Ik ben er ook dol op. Kan je je nou begrijpen dat meneer er zich tegen gegeten heeft? Die kan geen kip luchten. Die mot een kuiken of zoiets apart hebben.

De kraamvrouw  Eten ze bij zulleke rijke mensen nog gestampte pot?

Het dienstmeisje  Nee. Dat eten wij in de keuken.

 

Zesde vette dag.

De kraamvrouw  Kom maar binnen!

Het dienstmeisje  Ben je helemaal aangekleed? Nou, da's de moeite waard.

De kraamvrouw  Dokter zei da'k het maar es proberen most. Mevrouw is hier geweest.

Het dienstmeisje  Ja, dat het ze me gezegd.

De kraamvrouw  Ik lag net de grond te dweilen. Zo, zei-ze, ben u al zover! Stientje had me gezegd dat u nog te bed lag. Nou, dat doet me plezier. Ze was erg vrindelijk. Voor me man bracht ze twaalf sigaren mee en voor het kind een rammelaar. Wat krijg ik vandaag voor lekkers?

Het dienstmeisje  Rosbief. Drie dikke snejen met worteltjes en aardappelen. Griespudding met alebessensaus na. Da's de eerste keer dat je an je tafel eet, hè?

De kraamvrouw  Wil je geloven, da'k uitgehongerd ben tegen deze tijd? Je mot rekenen, dat ik niks anders eet dan brood de hele dag. Dat schijf-ie vlees zal ik voor me man wegleggen. Als ik eran denk, dat-ie niks anders krijgt dan aardappelen met uitgebrajen kaantjes. Hoe vin je dat het kind groeit?

Het dienstmeisje  Wat zal me dat een dikkerd worden! Je mot 'm toch heus niet zo op die speen laten zuigen.

De kraamvrouw  Je mot me niet kwalijk nemen, maar ik neem alles wat er van te halen is.

 

Zevende vette dag.

Het dienstmeisje  Hè! Elke keer raak ik buiten asem van het trappenklimmen. Zijn me dat trappen!

De kraamvrouw  Da's nou me man.

Het dienstmeisje  Dag, baas Blok. Wat een drukte op straat met de zondag. En die schooiers van jongens! Je mot zo op ze passen, anders lopen ze je met schotel en al ondersteboven.

De man  Ja, het zijn smeerlappen.

De kraamvrouw  Nou kennen we allebei es aanzitten. Gister had-ie net z'n laatste dag werk; zeg, kalfsvlees met andijvie en aardappels. Rijst met krenten. Nou ga ik es breed uitzitten.

Het dienstmeisje  Morgen zal ik wel niet meer terugkomen.

De kraamvrouw  Al morgen niet?

Het dienstmeisje  Er zijn weer twee bevallingen in de buurt. Elk mot z'n beurt hebben, zegt mevrouw. En nou u weer op de been is, niewaar?

De man  Ant, bik jij dan nog maar es raak.

De kraamvrouw  Nee, we zellen gelijk op delen.

Het dienstmeisje   Nou, goeienavond samen. Ik mag nog wel eens kommen horen, hè? Goedenavond.

De deur slaat dicht. De man droogt zijn snor met zijn rode zakdoek. De vrouw neemt de zuigeling en geeft het de borst.

Menu van pagina's in tekstversie

De website
Hoofdpagina
Doelstelling
Over de editie
Opzet van de website
Aangepast lezen
Biografische notitie
Over ons en contact
Teksten online
Verkrijgbare teksten
De 7 vette dagen
Het testament
Het antwoord
Kwelling
Brief in schemer
Herenhuis te koop
De buikspreker
Het zevende gebod
Het pantser
Overige pagina's
Welkom in Villa Evenrust
Varia: socialistische tendenz
Kolder in de Jonge Jan
Scheveningse vissers
© deze website: 2015 M.G. Vonder, Amsterdam

colofon

Deze website is gestart op 3 december 2014, bij gelegenheid van de 150ste geboorte­dag van Herman Heijermans Jr.
Deze website is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid samengesteld. Voor eventuele schade, ontstaan door fouten in de inhoud, aanvaarden wij echter geen aansprakelijkheid. Mocht ondanks onze inspanningen een auteursrechthebbende aan de aandacht zijn ontsnapt, dan verzoeken we deze vriendelijk zich in verbinding te stellen met de redactie.
email: M.G. Vonder
post: W. Passtoorsstraat 12-1
1073 HX Amsterdam